| 20111218 Smokkelen in Brabant |
Op deze zondag de 18e december stond de 6e en laatste lezing van dit seizoen op het programma. Voor een overvolle zaal, wist de spreker (Paul Spapens) het publiek moeiteloos te boeien met zijn voordracht.
Frans Klaassen van de fotowerkgroep maakte die ochtend een aantal foto's. 20111218 Smokkelen in Brabant
ZOUT, SPEELKAARTEN, SHAG EN BOTER, DE PUNGELAAR DROEG ALLES OVER DE GRENS.
Smokkelen is zo oud als er grenzen en accijnsverschillen tussen landen bestaan. Overal langs de grenzen hebben mensen gesmokkeld, maar gedwongen door de moeilijke leefomstandigheden was de Brabander een smokkelaar in het kwadraat. Zout, speel¬kaarten, shag, boter en noem maar op, alles droeg de pungelaar over de grens tot de Europese landbouwpolitiek in het midden van de jaren zestig een einde maakte aan wat Paul Spapens de 'romantische smokkelperiode` noemt.
Deze Brabantse dagbladjournalist en auteur van meer dan dertig boeken over Brabantse historie en over volkscultuur heeft onder meer een boek gepubliceerd over de geschiedenis van het smokkelen in deze provincie.
De met dia's ondersteunde lezing behandelt de smokkelgeschiede¬nis vanaf de Belgische onafhankelijkheid in 1830 tot en met de tijd waarin smokkelaars in gepantserde auto's enorme hoeveelhe¬den roomboter naar België vervoerden. In 1830 werd weer een grens tussen beide landen getrokken. België hanteerde andere accijnstarieven en het smokkelen van onder andere zout kon beginnen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog groeide de smokkelhan¬del naar een hoogtepunt. In België was aan van alles gebrek. De smokkelaars voorzagen in met name de eerste levensbehoeften. Ze moesten een levensgevaarlijke hindernis nemen, een door de Duitsers aangelegde elektrische grensafscheiding waarop een spanning van 2.000 Volt stond.
Nieuwe hoogtijdagen beleefden de smokkelaars tijdens de crisis¬jaren toen menig Brabander, gedwongen door de werkloosheid, zich met deze vorm van 'bijverdienste` inliet. Uit deze tijd stammen veel legendarische smokkelverhalen over hoe de smokke¬laar zijn grote tegenspeler de douanier weer eens te slim af was. De smokkel in de jaren '30 ging bijna vloeiend over in de smokkel tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit België kwam veel shag. De vraag was zo groot dat fraude niet uit kon blijven. Zo kon het gebeuren dat naar een rokertje smachtende Randstede¬lingen hun longen volzogen met gedroogde rabarberbladeren en mos. In omgekeerde richting gingen onder andere graan en aard¬appelen.
Na de Tweede Wereldoorlog koos Nederland voor een politiek van hard werken, weinig verdienen en weinig geneugten des levens: de wederopbouw. In het liberale België daarentegen was alles vrij. Via de haven van Antwerpen kwamen luxe goederen als siga¬retten, nylons, haarklemmen en dergelijke het land binnen. De smokkelaars zorgden dat ook de Nederlanders daarvan mee konden profiteren. Het 'goede` voorbeeld werd gegeven door de geal¬lieerde militairen die met stenguns in de hand en soms zelfs schietend de spullen over de grens vervoerden. In de eerste jaren na de oorlog komt ook de smokkel van vee naar België sterk op. De eerstvolgende evenementen:
|





















Even geduld ...

